Reinout Wiers (Foto: Kirsten van Santen)

Psycholoog Reinout Wiers betoogt dat verslaving meestal geen chronische hersenziekte is, maar beperkte keuzevrijheid met gevolgen voor stigma en behandeling. 

In het publieke debat wordt verslaving vaak neergezet als een chronische hersenziekte: wie eenmaal verslaafd is, zou zijn vrije wil grotendeels kwijt zijn en terugval zou bijna onvermijdelijk zijn. In de benadering die Reinout Wiers uiteenzet, is dat beeld te grof en op belangrijke punten misleidend. Ja, er veranderen processen in het brein bij herhaald gebruik van middelen of bij dwangmatig gedrag. Maar hersenverandering is niet automatisch hetzelfde als een progressieve, blijvende ziekte. Verslaving laat in veel gevallen ook herstel zien, soms zelfs zonder intensieve zorg, en dat past slecht bij het idee van een chronische hersenziekte die per definitie voortschrijdt.

Wiers schuift daarom een andere kernmetafoor naar voren: verslaving als gecompromitteerde keuze. Dat is geen moreel oordeel (“eigen schuld”) en ook geen ontkenning van biologische en psychologische invloeden. Het betekent dat mensen nog wél keuzes kunnen maken, maar dat hun keuzevrijheid vernauwd raakt door een combinatie van factoren: sterke automatische neigingen, prikkelgevoeligheid, stress, context, beschikbaarheid, gewoontevorming, sociale druk en beloningsverwachtingen. In die vernauwing kan het middel of gedrag een dominante plaats innemen, terwijl alternatieven minder belonend voelen of minder bereikbaar worden. Daardoor wordt stoppen niet onmogelijk, maar wél moeilijker, en vaak afhankelijk van het veranderen van omstandigheden en het trainen van controle en aandacht.

Deze framing heeft directe implicaties. Als je verslaving uitsluitend als chronische hersenziekte bestempelt, kan dat onbedoeld fatalisme versterken: bij de omgeving (“het komt toch altijd terug”) én bij de betrokkene (“ik kan er niets aan doen”). Tegelijk wil Wiers juist af van het simpele tegenbeeld dat verslaving vooral immoreel of louter een kwestie van karakter is. De praktische consequentie is een aanpak die minder leunt op één verklaringsmodel en meer op het vergroten van handelingsruimte: prikkels vermijden, routines doorbreken, alternatieve beloningen opbouwen, omgeving en beleid zo inrichten dat verleiding minder automatisch toeslaat, en behandeling kiezen die past bij de persoon en diens context. Daarmee verschuift de focus van etiketteren naar veranderen: niet ontkennen dat het brein meedoet, maar ook niet doen alsof het brein het hele verhaal is.

Bronnen