Een grote meta-analyse toont dat vapers meer kans hebben op hartinfarct en, vooral bij ex-rokers, ook op beroerte, zelfs als rekening wordt gehouden met roken.

Elektronische sigaretten zijn jarenlang naar voren geschoven als een minder schadelijk alternatief voor tabak, vooral voor wie wil stoppen met roken. Een nieuw groot onderzoek zet daar een dikke kanttekening bij. Een internationaal onderzoeksteam bundelde twaalf observatiestudies uit de afgelopen twintig jaar, met in totaal honderden duizenden deelnemers. Ze vergeleken mensen die vapen met mensen die nooit een e-sigaret gebruikten, en keken specifiek naar hartinfarcten en beroertes.

In de totale groep hadden vapers gemiddeld 53 procent meer kans op een hartinfarct dan niet-gebruikers. Zelfs wanneer rekening werd gehouden met het roken van sigaretten bleef er een duidelijk verhoogd risico over. Vooral ex-rokers die zijn overgestapt op de e-sigaret vallen op: bij hen is de kans op een hartinfarct ruim verdubbeld. Voor beroerte zag men gemiddeld geen duidelijke stijging, maar ook daar sprongen ex-rokers die nu vapen eruit met een duidelijk hogere kans.

De resultaten schetsen een genuanceerd maar zorgwekkend beeld. Voor mensen die nooit tabak hebben gerookt en alleen vapen, werd op basis van de beschikbare gegevens geen statistisch significante toename van hartinfarcten of beroertes gevonden. Maar die groep is relatief klein en mogelijk niet altijd betrouwbaar geregistreerd, waardoor zekerheid ontbreekt. Bij ex-rokers ligt dat anders: hun bloedvaten hebben vaak al schade opgelopen door jarenlange blootstelling aan tabaksrook. Als daar bovenop langdurige blootstelling aan nicotine, fijnstof, metalen en andere stoffen uit e-sigaretdamp komt, kan dat de bloedvaten extra belasten.

De onderzoekers wijzen er bovendien op dat veel van de gebruikte studies dwarsdoorsneden zijn: ze meten verbanden op één moment in de tijd, waardoor oorzaak en gevolg niet met absolute zekerheid zijn vast te stellen. Ook kunnen levensstijl, sociaaleconomische factoren en andere gezondheidsproblemen een rol spelen. Toch is het patroon in de verschillende datasets opvallend consistent: vapen lijkt zeker niet neutraal voor het hart, en al helemaal niet voor mensen met een rookverleden.

De bevindingen hebben directe gevolgen voor hoe we naar e-sigaretten kijken in het kader van stoppen met roken. De boodschap wordt scherper: wie volledig stopt met zowel tabak als e-sigaretten, verlaagt het hart- en vaatrisico het meest. Overstappen van roken naar vapen kan voor sommige zware rokers tijdelijk minder schadelijk zijn dan doorroken, maar het onderzoek suggereert dat het geen veilige eindbestemming is. Langdurig dagelijks vapen houdt het cardiovasculaire risico verhoogd, zeker bij mensen met bestaande risicofactoren zoals hoge bloeddruk, overgewicht of diabetes.

Hulpverleners wordt daarom aangeraden duidelijk te zijn: e-sigaretten zijn geen onschuldig gadget, maar nicotineproducten met mogelijke effecten op bloeddruk, vaatwand en ontsteking. Beleidsmakers kunnen deze gegevens gebruiken om reclame en smaakjes gericht op jongeren te beperken en tegelijk stevig in te zetten op bewezen stopmethoden, zoals gedragsmatige ondersteuning en geregistreerde geneesmiddelen. Vapen presenteren als ‘onschadelijk’ alternatief is, in het licht van deze cijfers, niet langer verdedigbaar.

Bronnen