Vanaf 2026 vergoedt het basispakket tot drie stoppen-met-rokenprogramma’s per jaar, vaak met minder of geen eigen risico via gecontracteerde zorgverleners.

Vanaf 1 januari 2026 wordt stoppen met roken duidelijk serieuzer opgepakt in het basispakket van de zorgverzekering. De overheid heeft vastgelegd dat verzekerden niet langer één, maar tot drie keer per kalenderjaar een volledig stoppen-met-rokenprogramma vergoed kunnen krijgen. Deze wijziging staat expliciet in de officiële wijzigingen van het Besluit zorgverzekering en in de toelichting van de Rijksoverheid op de pakketwijzigingen voor 2026.

De reden is simpel: één poging is vaak niet genoeg. In de toelichting op het besluit wordt erkend dat rokers meerdere stoppogingen nodig hebben en dat het aanzienlijk effectiever is als iemand na een terugval snel kan doorpakken met een nieuw programma. Juist het direct hervatten van begeleiding, in plaats van maanden wachten, verhoogt de kans dat iemand na een jaar nog steeds rookvrij is. Uit praktijkgegevens van aanbieders blijkt dat het stopsucces na twaalf maanden duidelijk hoger ligt als vervolgprogramma’s snel kunnen worden ingezet.

Rijksoverheid en vergelijkingssites schetsen hetzelfde beeld: naast een vrijwel gelijkblijvend eigen risico en beperkte andere pakketwijzigingen, springt de uitbreiding van de rookstopzorg er inhoudelijk uit. De zorgstandaard Tabaksverslaving en de richtlijnen voor tabaks- en nicotineverslaving vormen de inhoudelijke basis voor de programma’s. Het gaat nadrukkelijk om intensieve, bewezen effectieve begeleiding, vaak gecombineerd met medicatie of nicotinevervangende middelen.

Zowel onafhankelijke zorgvergelijkers als commerciële adviesplatforms benadrukken dat deze verruiming structureel is: het basispakket zelf gaat meer doen, waardoor aanvullende verzekeringen hun extra vergoedingen voor stoppen-met-rokenzorg vaak kunnen schrappen. Zorg en Zekerheid geeft bijvoorbeeld aan dat extra vergoeding in de aanvullende verzekering niet langer nodig is, omdat drie programma’s nu volledig uit het basispakket worden betaald. Ook andere verzekeraars, zoals CZdirect, VGZ en Nationale-Nederlanden, volgen deze lijn en beschrijven expliciet dat begeleiding én bijbehorende geneesmiddelen tot driemaal per jaar worden vergoed.

Aanbieders van stopprogramma’s spelen hier direct op in. Platformen zoals Startenmetstoppen leggen uit dat verzekerden in 2026 meestal zonder of met beperkt eigen risico gebruik kunnen maken van intensieve begeleiding, mits ze een erkende coach of gecontracteerde zorgverlener kiezen en medicatie via een recept laten lopen. De extra speelruimte – drie pogingen in plaats van één – moet het mogelijk maken om terugval sneller op te vangen en mensen niet te laten afhaken na een mislukte poging. De kern: dezelfde zorgsoort, maar vaker inzetbaar, beter passend bij de praktijk van verslaving, en stevig verankerd in het basispakket in plaats van versnipperd over aanvullende polissen.

Bronnen