Een Bossche wijk beloont het rapen van peuken. Elders klinkt de roep om echt statiegeld op sigarettenfilters en afgedankte vapes.

In een wijk in Den Bosch krijgen deelnemers één cent voor iedere opgeraapte sigarettenpeuk. De actie gebruikt hetzelfde uitgangspunt als statiegeld: afval krijgt een financiële waarde, waardoor mensen worden gestimuleerd het in te zamelen in plaats van te laten liggen. Het betreft echter geen officieel statiegeldsysteem. Rokers betalen bij aankoop van hun sigaretten geen bedrag dat zij na inlevering van de filters terugkrijgen.

Sigarettenpeuken behoren tot de meest voorkomende vormen van zwerfafval. De filters bestaan grotendeels uit celluloseacetaat, een kunststof die langzaam uiteenvalt in microplastics. Gebruikte filters bevatten daarnaast resten van nicotine, teer en verschillende metalen en chemicaliën. Wanneer peuken op straat, in bermen of op stranden achterblijven, kunnen deze stoffen via regenwater in bodem, riool en oppervlaktewater terechtkomen.

Een daadwerkelijk statiegeldstelsel zou een bedrag boven op de prijs van een pakje sigaretten leggen. De koper krijgt dat bedrag terug wanneer de gebruikte filters bij een inzamelpunt worden ingeleverd. In Duitsland werd eerder een bedrag van 20 cent per sigaret voorgesteld. Ook in Nederland en Catalonië is de mogelijkheid genoemd of onderzocht, maar nergens bestaat op grote schaal een operationeel systeem voor afzonderlijke sigarettenpeuken.

De uitvoering is ingewikkelder dan bij flessen en blikjes. Gebruikte peuken zijn vies, giftig en moeilijk automatisch te tellen. Ook moet worden voorkomen dat dezelfde filters meermaals worden aangeboden of dat peuken uit landen zonder statiegeld worden ingevoerd. Een systeem op pakjesniveau kan de verwerking vereenvoudigen, maar vereist een betrouwbare manier om vast te stellen hoeveel filters daadwerkelijk worden teruggebracht.

De Bossche aanpak om iedere geraapte peuk te belonen, omzeilt een deel van die technische problemen. De vergoeding stimuleert ook het verzamelen van peuken die eerder door anderen zijn weggegooid. Het nadeel is dat de kosten niet rechtstreeks bij tabaksproducenten of rokers terechtkomen. Zonder structurele financiering blijft zo’n wijkactie afhankelijk van een tijdelijk budget en de inzet van bewoners.

Bij vapes is de roep om statiegeld de afgelopen maanden sterker geworden, vooral in het Verenigd Koninkrijk. Afgedankte apparaten bevatten lithium-ionbatterijen, elektronica, kunststof en resten van nicotinevloeistof. Ze worden desondanks massaal bij huishoudelijk afval of plastic verpakkingen gegooid. Wanneer de batterijen tijdens inzameling of verwerking worden beschadigd, kunnen zij ontbranden.

Britse afvalbedrijven registreerden in het jaar tot maart 2026 ruim 1.500 branden op afval- en recyclinglocaties. Minstens 541 branden werden rechtstreeks aan lithium-ionbatterijen toegeschreven; daarnaast ontstonden honderden batterijbranden in vuilniswagens. Afvalverwerkers vermoeden dat batterijen en vapes bij een veel groter deel van de incidenten betrokken zijn dan formeel kan worden vastgesteld.

De Britse afvalbranche bepleit daarom een terugbetaalbaar bedrag van 5 pond op iedere vape. Verkopers zouden gebruikte apparaten moeten innemen, ongeacht waar deze zijn gekocht. Een voldoende hoog bedrag moet voorkomen dat goedkope, technisch hervulbare vapes na korte tijd alsnog als wegwerpproduct worden behandeld. Het verbod op officiële wegwerpvapes heeft dat probleem niet opgelost: miljoenen vapes en pods belanden nog altijd iedere week bij het afval.

Een statiegeldregeling kan de inzameling verbeteren, brandgevaar verminderen en waardevolle materialen terugbrengen in de productieketen. Daarbij mogen de producenten niet buiten schot blijven. Zij ontwerpen en verkopen producten die batterijen, elektronica, plastic en verslavende nicotine combineren, maar de kosten van opruiming, branden en recycling komen nu grotendeels terecht bij gemeenten, afvalbedrijven en de samenleving.

Statiegeld bestrijdt alleen het afvalprobleem en niet de nicotineverslaving die aan de enorme afvalstroom ten grondslag ligt. Een retourpremie mag daarom geen argument worden om vapes of filtersigaretten als duurzaam te presenteren. Producentenverantwoordelijkheid, beperking van wegwerpproducten, minder verkooppunten en effectief tabaks- en nicotinebeleid blijven noodzakelijk om zowel het gebruik als de milieuschade structureel terug te dringen.

Bronnen

0
Deel via