De Haagse gemeenteraad wil de snelle groei van tabaksspeciaalzaken afremmen en onderzoekt hoe nieuwe winkels kunnen worden tegengehouden.

In Den Haag groeit de politieke onrust over het toenemende aantal tabaksspeciaalzaken in de stad. Aanleiding is de vrees dat de komende jaren nog meer tabakswinkels zullen opduiken, juist terwijl het rookbeleid strenger wordt. Een meerderheid van de gemeenteraad heeft daarom het college opgedragen om uit te zoeken welke juridische en planologische mogelijkheden er zijn om de komst van nieuwe tabaksspeciaalzaken zoveel mogelijk te beperken. De motie komt van ChristenUnie/SGP en kreeg brede steun in de raad.

De zorgen van de raad komen niet uit de lucht vallen. Toen de verkoop van tabak in supermarkten op 1 juli 2024 werd verboden, ontstond er in korte tijd een golf van nieuwe tabaksspeciaalzaken. Sommige ondernemers kozen voor een afgescheiden deel van hun supermarkt met een eigen ingang, dat formeel als tabakszaak geldt. Daarmee bleef het totaal aantal verkooppunten hoog, ondanks het verbod in supermarkten. Eerder al signaleerden gemeenten, waaronder Den Haag, dat zij nauwelijks wettelijke middelen hadden om die ontwikkeling af te remmen.

Nu richt de blik zich op de volgende grote stap in het landelijke beleid: in 2030 wordt de verkoop van tabak bij tankstations verboden. Exploitanten denken erover hun bemande tankstations om te bouwen tot onbemande pompstations en de bijbehorende shops voort te zetten als tabaksspeciaalzaak. Vanuit het perspectief van de Haagse preventieaanpak, die inzet op minder rokers en een rookvrije generatie, wordt dat scenario als onwenselijk gezien. De raad wil daarom dat het college alle opties verkent om wildgroei van tabaksspeciaalzaken te voorkomen, bijvoorbeeld door nieuwe tabakswinkels buiten de hoofdwinkelstructuur niet meer toe te staan.

De discussie in Den Haag past in een bredere trend: landelijk wordt de verkoop van tabak stap voor stap teruggedrongen naar steeds minder verkooppunten, met uiteindelijk alleen tabaksspeciaalzaken als toegestane verkooppunten. Tegelijk proberen ondernemers gaten in de regelgeving te benutten door nieuwe speciaalzaken te openen zodra supermarkten en straks tankstations afvallen. De Haagse raad wil die spagaat doorbreken: als de wet tabak naar steeds minder plekken duwt, moet de gemeente kunnen voorkomen dat er tegelijk een nieuwe laag tabakswinkels bijkomt. Daarmee profileert Den Haag zich opnieuw als gemeente die de gezondheidsdoelen van het rookvrij-beleid niet alleen formeel onderschrijft, maar ook actief probeert af te dwingen in de ruimtelijke en economische praktijk van de stad.

Bronnen