Roken blijft veruit de grootste oorzaak van longkanker, maar ook meeroken, luchtvervuiling, radon, werkomstandigheden en erfelijke aanleg verhogen het risico.

Longkanker wordt nog altijd sterk met roken geassocieerd, maar kan eveneens ontstaan bij mensen die nooit hebben gerookt. Wereldwijd heeft naar schatting 15 tot 20 procent van de patiënten met longkanker geen rookverleden. Roken blijft niettemin veruit de belangrijkste vermijdbare risicofactor en veroorzaakt volgens de Belgische Stichting tegen Kanker ongeveer 80 tot 90 procent van alle gevallen.

Meeroken is een belangrijke oorzaak bij niet-rokers. Tabaksrook bevat duizenden chemische stoffen, waaronder tientallen bewezen kankerverwekkende stoffen. Wie thuis, in een voertuig, op het werk of in de horeca herhaaldelijk tabaksrook inademt, krijgt grotendeels dezelfde schadelijke stoffen binnen als de roker. Er bestaat geen veilige ondergrens voor blootstelling aan tabaksrook.

Ook luchtvervuiling speelt een rol. Fijnstof, vooral PM2,5, kan diep in de longen doordringen en daar chronische ontstekingen, oxidatieve stress en beschadiging van het DNA veroorzaken. Belangrijke bronnen zijn verkeer, industrie, dieselmotoren, bouwstof, afval- en landbouwverbranding en het gebruik van hout, kolen of andere vervuilende brandstoffen in slecht geventileerde woningen.

Radon vormt een minder zichtbare risicofactor. Dit natuurlijke radioactieve gas kan vanuit de bodem gebouwen binnendringen en zich daar ophopen. Langdurige blootstelling verhoogt het risico op longkanker, waarbij de combinatie met roken bijzonder schadelijk is. De omvang van het radonrisico verschilt sterk per land, bodemsoort en gebouw.

Op het werk kunnen mensen worden blootgesteld aan asbest, silica, dieseluitlaatgassen, arsenicum, chroom, nikkel en andere kankerverwekkende stoffen. Beschermingsmiddelen, goede ventilatie en handhaving van arbeidsveiligheidsregels zijn daarom essentieel. Ook eerdere bestraling van de borstkas, bepaalde chronische longaandoeningen en longkanker bij naaste familieleden kunnen het persoonlijke risico verhogen.

Longkanker bij nooit-rokers is vaak een adenocarcinoom. In deze tumoren komen relatief vaak behandelbare genetische veranderingen voor, waaronder mutaties in EGFR en herschikkingen van ALK of ROS1. Deze veranderingen zijn meestal in de tumor ontstaan en betekenen niet automatisch dat de ziekte erfelijk is. Moleculair onderzoek kan uitwijzen of gerichte geneesmiddelen mogelijk zijn.

De eerste klachten zijn dikwijls weinig specifiek. Waarschuwingssignalen zijn een hoest die langer dan drie weken aanhoudt of verandert, bloed ophoesten, kortademigheid, pijn op de borst, heesheid, terugkerende luchtweginfecties, onverklaard gewichtsverlies en langdurige vermoeidheid. Niet-rokers en zorgverleners kunnen deze symptomen ten onrechte minder ernstig beoordelen, waardoor de diagnose vertraging oploopt.

In België werden in 2023 9.487 nieuwe gevallen van longkanker vastgesteld. Voor 2035 worden er 11.429 verwacht. Bij mannen lijkt de incidentie zich te stabiliseren, maar bij vrouwen steeg het aantal diagnoses van 1.554 in 2004 naar 3.773 in 2023. Voor 2035 worden 5.716 gevallen bij vrouwen geraamd. Deze stijging weerspiegelt voor een belangrijk deel rookgedrag uit eerdere decennia; de beschikbare cijfers tonen niet afzonderlijk hoeveel van deze vrouwen nooit hebben gerookt.

Meer dan 65 procent van de Belgische longkankers wordt pas in een gevorderd stadium ontdekt. De vijfjaarsoverleving is wel verbeterd: tussen 2004-2008 en 2019-2023 steeg deze bij vrouwen van 15 naar 35 procent en bij mannen van 12 naar 27 procent. Vroege opsporing, betere chirurgie, immunotherapie en doelgerichte behandelingen hebben daaraan bijgedragen.

Screening met een jaarlijkse CT-scan met lage stralingsdosis is doorgaans bedoeld voor mensen met een langdurig en zwaar rookverleden. Routinematige screening van alle nooit-rokers wordt momenteel niet aanbevolen, omdat onduidelijk is of de voordelen opwegen tegen foutpositieve uitslagen, onnodige vervolgonderzoeken en stralingsbelasting. Mensen met aanhoudende klachten of bijzondere risicofactoren moeten wel tijdig medisch advies vragen.

Preventie begint met niet roken, stoppen met roken en het volledig rookvrij maken van woningen, voertuigen, werkplekken en openbare ruimten. Daarnaast zijn schonere buitenlucht, goede ventilatie, schonere kookbrandstoffen, beperking van beroepsmatige blootstelling en waar relevant radonmetingen nodig. De misvatting dat longkanker uitsluitend een rokersziekte is, kan zowel preventie als tijdige diagnostiek in de weg staan.

Bronnen

0
Deel via