West Virginia gebruikt 2,9 miljoen dollar uit de JUUL-schikking voor tabakspreventie en stoppen-met-roken, na druk van jongeren en gezondheidsorganisaties.

In West Virginia kwam de discussie over tabakspreventie dit voorjaar in een beslissende fase. Al langer klonk de kritiek dat de staat wel geld had ontvangen uit de schikking met JUUL, maar dat dit nog niet zichtbaar werd ingezet om jongeren te beschermen tegen nicotineverslaving. Tegen die achtergrond voerden scholieren, gezondheidsorganisaties en andere voorstanders de druk op. Zij wezen erop dat West Virginia al jaren kampt met een uitzonderlijk zware tabakslast, met hoge cijfers voor roken, vapen en aan tabak gerelateerde ziekte en sterfte.

De eerste inzet van actievoerders lag op structurele financiering. Tijdens bijeenkomsten en manifestaties bij het Capitool riepen jongeren wetgevers op om miljoenen uit de rente van een staatsfonds te reserveren voor preventie en stoppen-met-rokenprogramma’s. Daarmee wilden zij voorkomen dat tabaksbestrijding afhankelijk zou blijven van incidentele politieke keuzes. Die bredere route strandde echter in de wetgevende procedure, waardoor de aandacht verschoof naar een concreter en direct uitvoerbaar alternatief: een eenmalige besteding van geld uit de JUUL-schikking.

Dat alternatief kreeg uiteindelijk wel voldoende steun. Huis Bill 5691 maakte 2,9 miljoen dollar vrij uit de schikking die West Virginia eerder met JUUL trof wegens marketing gericht op minderjarigen. Het geld gaat naar programma’s voor tabakspreventie onder jongeren en naar hulp voor mensen die al verslaafd zijn geraakt en willen stoppen. Voorstanders zagen dat als een belangrijke doorbraak, juist omdat de schikkingsmiddelen volgens hen vanaf het begin bedoeld waren om de schade van de jeugdige nicotine-epidemie te helpen herstellen.

De politieke en maatschappelijke boodschap daarachter was scherp. Jongeren en gezondheidsorganisaties stelden dat tabaks- en vapebedrijven bewust een nieuwe generatie gebruikers hebben opgebouwd en dat de staat daar niet passief op mag reageren. In hun ogen is alleen waarschuwen niet genoeg; er moet ook structureel geld zijn voor onderwijs, voorlichting, ondersteuning bij stoppen en lokale preventieprogramma’s. Het vrijmaken van deze 2,9 miljoen dollar werd daarom niet gepresenteerd als eindpunt, maar als een eerste stap na jaren van uitstel.

Toen de gouverneur de wet ondertekende, werd dat dan ook ontvangen als een duidelijke overwinning, maar geen volledige oplossing. De onderliggende spanning bleef bestaan: een deel van de voorstanders wil vooral laten zien dat de staat eindelijk begint met investeren, terwijl anderen benadrukken dat deze eenmalige toewijzing nog lang niet opweegt tegen de omvang van het probleem. De kern van de berichtgeving is dan ook dat West Virginia eindelijk geld uit de JUUL-schikking inzet waarvoor het maatschappelijk was bedoeld, maar dat het debat over structurele en voldoende financiering van tabaksbestrijding daarmee allerminst voorbij is.

Bronnen