Formule 1 verbood tabaksreclame, maar PMI en BAT besteden nog ruim $40 miljoen aan zichtbaarheid via nicotine-merken en sponsordeals in de sport.

Ondanks dat de Formule 1 officieel geen traditionele tabaksreclame meer toelaat, blijft de relatie tussen de sport en grote tabaksbedrijven commercieel levendig. In 2026 blijkt uit rapportage door STOP en onderzoek van GPFans dat merken als Philip Morris International en British American Tobacco nog steeds tientallen miljoenen dollars investeren in reclame- en sponsordeals binnen de Formule 1.

Deze uitgaven manifesteren zich vooral via nicotineproducten zoals Zyn en Velo, die onder hedendaagse regelgeving wél zichtbaar mogen zijn omdat ze technisch geen tabak bevatten, ook al leveren ze nicotine aan consumenten. Ferrari en McLaren zijn prominente teams waarbij deze merken op racepakken en auto’s zichtbaar zijn, wat de zichtbaarheid van deze producten wereldwijd vergroot.

Critici, waaronder waakhond STOP, benadrukken dat deze praktijk feitelijk neerkomt op het omzeilen van tabaksreclameverboden door in te haken op juridische grijze zones rond nieuwe nicotineproducten. De deals geven tabaksgerelateerde bedrijven aanzienlijke exposure op een platform met honderden miljoenen kijkers, waarvan een groot deel jonger is dan 35 jaar, waardoor ze risico’s zien voor normalisering van nicotinegebruik onder jonge fans.

Organisaties roepen de Formule 1, de FIA en individuele teams en coureurs op om strenger afstand te nemen van dergelijke sponsordeals en zo de invloed van de tabaksindustrie op sport en publiekelijkheid te beperken.

Bronnen