WHO: Europa blijft achter bij rookreductie; maatregelen worden ongelijk toegepast en nieuwe nicotineproducten winnen terrein.

Europa slaagt er onvoldoende in het aantal rokers structureel te verlagen. Dat blijkt uit recente analyses van de Wereldgezondheidsorganisatie over de uitvoering van het internationale tabaksverdrag en de bijbehorende MPOWER-maatregelen in de Europese regio. Hoewel veel landen wetgeving hebben ingevoerd tegen roken in publieke ruimtes, reclamebeperkingen en hogere accijnzen, blijft de voortgang ongelijk en stagneert de daling van het aantal rokers in meerdere landen.

De WHO wijst erop dat de regio wereldwijd nog altijd tot de koplopers behoort in tabaksgebruik, zowel bij volwassenen als bij jongeren. Vooral het gebruik onder vrouwen en meisjes blijft relatief hoog. Tegelijkertijd verschuift het nicotinegebruik naar nieuwe producten zoals e-sigaretten, waardoor traditionele regelgeving niet altijd volstaat. Dit ondermijnt de ambitie om tegen 2030 aanzienlijke gezondheidswinst te boeken.

De MPOWER-strategie – die inzet op monitoring, rookvrije omgevingen, hulp bij stoppen, waarschuwingen op verpakkingen, reclameverboden en accijnsverhogingen – is in veel landen slechts gedeeltelijk geïmplementeerd of onvoldoende gehandhaafd. Met name ondersteuning bij stoppen en volledige marketingverboden blijven achter. De WHO benadrukt dat consistente toepassing van alle onderdelen noodzakelijk is om de neerwaartse trend te versnellen.

Daarnaast speelt de invloed van de tabaks- en nicotine-industrie een rol, onder meer via lobby en marketingstrategieën die zich aanpassen aan nieuwe wetgeving. Zonder verscherping van beleid, betere handhaving en uitbreiding van maatregelen naar nieuwe nicotineproducten dreigt Europa zijn gezondheidsdoelstellingen te missen.

Bronnen