De EU wil hogere minimumaccijnzen op tabak en nicotineproducten, maar Parlement en lidstaten blijven verdeeld. Ierland moet nu doorpakken.

De Europese discussie over tabaksaccijnzen is vastgelopen op precies het punt waar volksgezondheid, nationale belastingpolitiek en tabakslobby elkaar raken. De Europese Commissie wil de verouderde tabaksaccijnsregels moderniseren, omdat de huidige Europese minimumtarieven uit de pas zijn gaan lopen met inflatie, prijsverschillen tussen lidstaten en de snelle opkomst van nieuwe nicotineproducten.

Het voorstel draait niet alleen om gewone sigaretten en shag. Ook e-sigaretten, verhitte tabak, nicotinezakjes en andere nieuwe producten moeten onder Europese minimumaccijnzen vallen. Dat is belangrijk, omdat lidstaten nu sterk uiteenlopende belastingregels hanteren. Daardoor ontstaan prijsverschillen, grensinkopen en een interne markt waarin de industrie telkens nieuwe producten kan positioneren buiten of langs bestaande regels.

Het Europees Parlement kreeg alleen een adviserende rol, omdat belastingbeleid uiteindelijk bij de lidstaten ligt. Toch werd de stemming politiek zwaar beladen. In de economische commissie lag een afgezwakt compromis op tafel, waarin de door de Commissie voorgestelde verhogingen werden verlaagd en de aanpak van nieuwe nicotineproducten werd verzacht. Dat compromis kreeg in de plenaire stemming uiteindelijk geen meerderheid.

Daardoor heeft het Parlement geen duidelijke gezamenlijke lijn afgegeven. Voorstanders van hogere accijnzen zien dat als een gemiste kans voor tabakspreventie. Tegenstanders vrezen hogere prijzen, meer grenshandel en illegale handel. In de praktijk is de impasse gunstig voor de tabaks- en nicotine-industrie, omdat vertraging betekent dat bestaande lage Europese minimumtarieven langer blijven doorwerken.

De bal ligt nu bij de Raad van ministers, waar unanimiteit nodig is. Dat maakt het dossier bijzonder moeilijk. Landen met hoge tabaksprijzen, zoals Ierland, Frankrijk en Nederland, hebben andere belangen dan landen waar sigaretten veel goedkoper zijn. Juist die prijsverschillen zijn een belangrijk probleem: ze ondermijnen nationaal preventiebeleid en maken het voor rokers eenvoudiger om goedkopere tabak over de grens te kopen.

Ierland krijgt hierbij een opvallende rol. Het land heeft de hoogste sigarettenprijzen van de Europese Unie en neemt vanaf juli het voorzitterschap van de Raad over. Daarmee komt een land dat zelf stevig inzet op hoge tabaksaccijnzen aan het roer van de onderhandelingen. De vraag is of Ierland de politieke knoop kan doorhakken, of dat de EU opnieuw blijft steken in uitstel en afzwakking.

Voor de volksgezondheid is de inzet helder. Hogere prijzen zijn een van de effectiefste middelen om roken terug te dringen, vooral onder jongeren. Maar zolang Europa geen stevige gemeenschappelijke ondergrens vastlegt, blijven prijsverschillen, lobbydruk en nieuwe nicotineproducten het beleid ondermijnen. De technische discussie over accijnstarieven is daarmee in werkelijkheid een bredere keuze: wil Europa tabaksgebruik serieus terugdringen, of blijft de interne markt belangrijker dan preventie?

Bronnen

0
Deel via